Dr Albert M. Kroon

arts-biochemicus

oud-hoogleraar  Fysiologische Chemie RUG

HOE HEEFT HET ZO VER KUNNEN KOMEN?

EEN FRISSE BLIK OP DE GEZONDHEIDSZORG.

Peter Kapitein.

 

Het boek met bovenstaande titel verscheen in 2016. Het boek maakte indruk op me, maar ik kon me niet aan het gevoel onttrekken dat er sprake was van vooringenomenheid m.b.t. de mogelijkheden die de nieuwe, experimentele medicijnen bieden. Met aanvankelijk plezier heb ik het gelezen.  Dat de verwachtingen tegenvielen werd wel duidelijk in het decembernummer van de JAMA, dat kort na het boek van Peter Kapitein verscheen, tegelijk met mijn boek1. Ik overwoog destijds al van het werk een boekbespreking op mijn website te zetten omdat het mij tegenstond dat de gezondheidszorg als een industrieel complex uit de bus kwam: Medisch Industrieel Complex. Jammer genoeg werd dit complex uiteindelijk vergeleken met twee andere complexen: het Financieel Industrieel Complex en het Militair Industrieel Complex. En toen werd het mij ook duidelijk dat niet het Medisch, maar het Farmaceutisch Industrieel Complex aan de orde was. De huidige pandemie brengt mij er toe de boekbespreking toch op mijn website te zetten.

 

Dat de Gezondheidszorg geen industrieel complex genoemd kan worden, geven aanpak en problematiek van Corona overduidelijk aan. Er zijn grote verschillen tussen gezondheidszorg in het algemeen en het farmaceutisch industrieel complex, waarin helaas veel medici verzeild zijn geraakt. En de ondertitel van een boek dat zich op kanker richt zou nu beter kunnen luiden: “Een Zorgelijke Blik Op De Gezondheidszorg”.

 

Het boek van Peter Kapitein gaat echter uitsluitend over kanker. Kanker is een ophoping van cellen zonder functie, die helaas door mutaties ontsnappen aan de geprogrammeerde celdood. Op pagina 105-109, de passage die in de kantlijn met een dikke streep voor lezing om extra aandacht vraagt, schrijft Peter Kapitein dat het voor een succesvolle behandeling “essentieel is dat hierbij DNA-sequencing wordt gebruikt om zo de gen-mutatie te kunnen bepalen”. Waarom wordt in de aangelijnde alinea’s verder niet uitgelegd, maar voorziet in een aantal ideeën om de prijs van de “veelbelovende” middelen omlaag te krijgen. Maar de meeste middelen, die tussen 2003 en 2013 tegen kanker werden geregistreerd, bleken helemaal niet zo veelbelovend geweest te zijn.    In het Haarlems Dagblad van 6 oktober 2020 komt dat duidelijk tot uiting in de uitspraak een patiënt met uitgezaaide kanker nu slechts gemiddeld één maand langer leeft dat 10 jaar geleden2.

 

Niet iedereen zal zich realiseren, dat we per uur ongeveer een miljard cellen in ons lichaam vervangen. Daarbij zijn ook cellen, die nog ongecontroleerd en onbeperkt cel-delend vermogen hebben. Zo’n cel kan in het orgaan van herkomst of “onderweg” nog een mutatie oplopen waardoor die aan de dood ontsnapt. Dat is de basis van het ontstaan van kwaadaardige kanker: een proces dat langzaam op gang komt (carcinogenese). Kanker begint dus als een miezerig klein organisme dat voor de groei de mens zelf als gastgever gebruikt. Het kan in verloop van tijd door het “gast”lichaam voor de groei van weefselstructuur en bloedvaten worden voorzien en tot “neporgaan” uitgroeien (de tumor).

 

Volstrekt onbesproken blijft dat het ontstaan altijd verandering betreft in genen, die de energievoorziening via de glycolyse (=de vorming van melkzuur uit glucose) weer op gang brengen. Dit proces wordt namelijk geblokkeerd in cellen die moeten worden vervangen via de geprogrammeerde celdood. In het proces van de ontsnapping aan de geprogrammeerde celdood worden de oorspronkelijke weefseleigenschappen niet hersteld. Vandaar dat ik het neporganen noem.

 

Dat het belangrijk is in een zo vroeg mogelijk stadium vast te stellen dat er misschien sprake is van kanker, staat buiten kijf. Maar dat je dan moet weten welke van de vele 100.000den potentiële gen-mutaties daarvoor verantwoordelijk kan of kunnen zijn, lijkt me een overdreven eis. Met een 18F-fluorodeoxyglucose PETscan of een serummarker kan men in een vroeg stadium waarschijnlijk verder komen: tot een langere levensduur onder een betere kwaliteit van leven. Die gedachte baseer ik op het feit dat alle kankercellen o.a gemeen hebben, dat ze ontsnappen aan de geprogrammeerde celdood en een afwijkende energievoorziening hebben3. Dat alle kankerpatiënten daarvoor verre reizen naar super gespecialiseerde dokters zouden moeten maken, gaat mij een brug te ver. Ik zou ze liever dichter bij huis al op het goede spoor willen zetten. Dat kan m.i. door de huisarts, als daartoe goede voorlichting en verder onderzoek wordt gedaan. De huisarts ziet in veel gevallen de patiënten ook terug in de eindfase van het ziekteproces.

 

Ik haal Corona, Covid-19, er maar weer bij. Het betreft een virus, dat bestreden moet worden. De strijd wordt aangebonden tegen specifieke kenmerken van de genetische informatie in het RNA van het virus, dat helaas nog steeds aan kleine veranderingen bloot staat, die met geneesmiddelen en vaccinaties bestreden moeten worden. Het is een aanval van buiten af.

 

Dr. Albert M. Kroon

 

Haarlem, 12 oktober 2020

____________________________

 1  Albert M. Kroon, KANKERTHERAPIE : kan het eenvoudiger? ISBN: 9789402156096. Uitgever: Bravenewbooks.

 2  Annemarie de Jong, Haarlems Dagblad van dinsdag 6 oktober 2020. Uitgezaaide kanker vaak einde verhaal Patiënt leeft een maand langer dan 10 jaar geleden.

3 D. Hanahan and R.A. Weinberg (2000), The hallmarks of cancer. Cell, 100 (1): 57-70.